Blog

Het is zover: de Delta10 Podcast is van start! In deze allereerste aflevering gaat Bart Jeukendrup, CTO van Delta10, in gesprek met Wouter Bruijning, informatiemanager bij de gemeente Utrecht en vanaf het begin nauw betrokken bij Common Ground.

Wouter neemt je mee in het verhaal achter dit landelijke initiatief: van de eerste proeftuinen in Utrecht tot de Fieldlabs in Eindhoven en Zwolle. Hij deelt waardevolle inzichten over samenwerking tussen gemeenten, de uitdagingen onderweg en vooral de kansen om de dienstverlening aan inwoners écht te vernieuwen.

Wil je weten hoe Common Ground ontstond, welke lessen gemeenten kunnen trekken én wat inwoners de komende jaren gaan merken?

Of luister via Spotify.

Wouter Bruijning sprak over de lessen die gemeente Utrecht heeft geleerd tijdens de transitie naar Common Ground. Als een van de pioniers binnen de beweging werkt Utrecht al jarenlang aan een nieuwe manier van organiseren, samenwerken en digitaliseren. Delta10 begeleidt gemeenten dagelijks bij Common Ground-vraagstukken en ging om die reden met Bruijning in gesprek over de praktijk achter de transitie: wat werkt, welke valkuilen zijn er en welke lessen zijn relevant voor gemeenten die nu aan de start staan?

De belangrijkste conclusie? Common Ground is veel meer dan een technische vernieuwing. Het vraagt om een fundamenteel andere manier van denken over samenwerking, dienstverlening en regie op softwareontwikkeling.

Waarom Common Ground is ontstaan

Volgens Wouter komt Common Ground voort uit twee ontwikkelingen. Gemeenten willen hun dienstverlening verbeteren, terwijl tegelijkertijd de afhankelijkheid van complexe software, specialistische kennis en een beperkt aantal leveranciers toeneemt. Daardoor is er behoefte aan een nieuwe aanpak waarin gegevens beter uitwisselbaar zijn, gemeenten meer samenwerken en de regie weer meer bij de overheid komt te liggen.

Niet praten, maar bouwen

Utrecht behoorde tot de eerste gemeenten die de Common Ground-principes daadwerkelijk in de praktijk gingen testen. In een proeftuin werden nieuwe concepten uitgeprobeerd, waaronder processen rondom vergunningverlening. Het doel was eenvoudig: inwoners één samenhangende dienstverlening bieden, terwijl verschillende afdelingen achter de schermen samenwerken via gestandaardiseerde gegevensuitwisseling. Technisch werkte dat goed, maar de eerste belangrijke les werd ook direct zichtbaar. Technologie is meestal niet de grootste uitdaging. Organisaties meenemen in deze verandering blijkt minstens zo belangrijk. Afdelingen herkenden hun complexe werkprocessen niet altijd in de vereenvoudigde prototypes. Daarmee werd al vroeg duidelijk dat succesvolle digitalisering niet alleen draait om techniek, maar ook om draagvlak en verandermanagement.

Van architectuur naar werkende oplossingen

In de beginjaren draaide Common Ground vooral om visie, architectuur en standaarden. Via landelijke initiatieven zoals de Fieldlabs in Eindhoven en Zwolle werd vervolgens aangetoond dat de nieuwe aanpak ook daadwerkelijk werkt. Daar werd zichtbaar dat gegevens, processen en applicaties los van elkaar georganiseerd kunnen worden. Tegelijkertijd kwamen belangrijke thema’s naar voren zoals:

  • gegevensuitwisseling via API’s;
  • logging en auditability;
  • AVG-compliance;
  • Zero Trust-beveiliging;
  • herbruikbare componenten;
  • landelijke standaarden.

Wouter deed hiermee een belangrijk inzicht op: juist in deze fase ontstond het vertrouwen dat Common Ground niet alleen een architectuurvisie was, maar een realistisch toekomstmodel voor gemeenten.

De grootste winst zit in samenwerking

Een van de meest opvallende inzichten uit het gesprek met Bruijning is dat de grootste winst niet in technologie zit, maar in samenwerking. Waar gemeenten vroeger vooral kennis uitwisselden, bouwen zij tegenwoordig steeds vaker samen aan standaarden, voorzieningen en softwarecomponenten. Gemeenten als Utrecht, Den Haag, Rotterdam, Den Bosch, Nijmegen en Eindhoven trekken daarbij steeds vaker gezamenlijk op.

Dat levert veel voordelen op:

  • minder dubbel werk;
  • lagere ontwikkelkosten;
  • meer innovatiekracht;
  • minder leveranciersafhankelijkheid;
  • meer regie op digitale voorzieningen.

Zoals Wouter het verwoordt: de belangrijkste omslag is niet meer denken vanuit “wat betekent dit voor Utrecht?”, maar vanuit de vraag: “hoe kunnen we bijdragen aan wat alle gemeenten nodig hebben?”

Wat merken inwoners hiervan?

Op dit moment minder dan veel mensen verwachten. De afgelopen jaren stonden vooral in het teken van het bouwen van een stevig fundament. Denk aan infrastructuur, gegevenslagen, beveiliging en beheer. De eerste voordelen worden nu pas zichtbaar. Gemeenten kunnen gegevens beter combineren, waardoor dienstverlening persoonlijker en slimmer wordt. Denk aan formulieren die alleen relevante vragen tonen, betere ondersteuning via chatbots en meer samenhang tussen gemeentelijke producten en diensten. De echte meerwaarde van Common Ground zit daarmee niet in de techniek zelf, maar in de nieuwe dienstverlening die daardoor mogelijk wordt.

De rol van leveranciers verandert

Ook de positie van leveranciers verandert. Waar gemeenten vroeger vooral grote geïntegreerde softwarepakketten afnamen, verschuift de focus nu naar open standaarden, herbruikbare componenten en samenwerking. Dat betekent niet dat leveranciers minder belangrijk worden. Hun rol verschuift juist van software-eigenaar naar partner in implementatie, beheer en doorontwikkeling. Daarmee ontstaat een gezonder ecosysteem waarin continuïteit, transparantie en innovatie centraal staan.

Advies voor gemeenten die nu beginnen

Voor gemeenten die nog aan het begin van hun Common Ground-transitie staan, heeft Wouter een duidelijke boodschap: wacht niet. Je hoeft niet direct het volledige applicatielandschap te vervangen. Begin met één proces, één dienst of één taakproces. Doe ervaring op, sluit aan bij bestaande samenwerkingen en lever een bijdrage aan wat er landelijk al wordt ontwikkeld. Juist door mee te doen, ontstaat versnelling.

Wat kunnen we hieruit concluderen?

De ervaringen van Utrecht laten zien dat Common Ground inmiddels voorbij de experimentele fase is. De eerste productieomgevingen draaien, de samenwerking tussen gemeenten groeit en de technische basis wordt steeds volwassener. Tegelijkertijd maakt het verhaal van Wouter duidelijk dat de grootste uitdaging niet technisch is. De echte opgave zit in samenwerken, organiseren en gezamenlijk regie voeren op de digitale toekomst van gemeenten. Vanuit de praktijk ziet Delta10 dat succesvolle Common Ground-transities altijd een combinatie zijn van techniek, organisatieontwikkeling en samenwerking. De lessen uit Utrecht bevestigen dat beeld. Gemeenten die vandaag starten, profiteren niet alleen van beschikbare technologie, maar ook van de kennis en ervaring die de afgelopen jaren gezamenlijk zijn opgebouwd binnen het Common Ground-ecosysteem.

Veelgestelde vragen over de Common Ground-transitie

Waarom duurt de Common Ground-transitie langer dan vaak verondersteld?
Een Common Ground-transitie draait niet alleen om het vervangen van applicaties. Gemeenten bouwen tegelijkertijd aan een nieuwe digitale basis met aandacht voor gegevensuitwisseling, beveiliging, beheer, governance en open standaarden. Die investeringen zijn grotendeels onzichtbaar voor inwoners, maar vormen wel de basis voor toekomstbestendige dienstverlening. Delta10 ondersteunt gemeenten met bewezen Common Ground-oplossingen en verzorgt desgewenst de implementatie, hosting, het beheer en de ondersteuning.

Wat is volgens gemeente Utrecht de grootste valkuil bij de de Common Ground-transitie?
Een veelvoorkomende valkuil is te veel denken vanuit de eigen organisatie. Gemeenten behalen de meeste voordelen wanneer zij aansluiten bij landelijke standaarden, bestaande componenten en samenwerkingsinitiatieven. Door gebruik te maken van oplossingen die aansluiten op het Common Ground-ecosysteem, kunnen gemeenten sneller moderniseren en profiteren van kennis die al binnen de sector beschikbaar is.

Waarom is samenwerking tussen gemeenten zo belangrijk? Gemeenten staan voor vergelijkbare uitdagingen op het gebied van digitale dienstverlening. Door gezamenlijk standaarden, open componenten en voorzieningen te ontwikkelen, worden investeringen beter benut en ontstaan oplossingen die door meerdere gemeenten kunnen worden hergebruikt. Delta10 draagt hieraan bij met Common Ground-software zoals Signalen, Open Formulieren en Atlas, die gemeenten helpt hun dienstverlening te moderniseren binnen een open en samenwerkend ecosysteem.

Welke eerste stap kan een gemeente vandaag zetten?
Kies één proces of dienstverleningsvraagstuk en ga daarmee aan de slag. Zo ontstaat ervaring met Common Ground zonder direct grote risico’s of investeringen.

Begin met één concreet proces of één digitale dienst die zich goed leent voor modernisering. Zo ontstaat ervaring met Common Ground zonder direct het volledige applicatielandschap te vervangen. Veel gemeenten starten bijvoorbeeld met meldingen openbare ruimte, digitale formulieren, een geoportaal of andere inwonersgerichte dienstverlening. Delta10 ondersteunt deze eerste stappen met implementeerbare Common Ground-oplossingen en begeleidt gemeenten bij een beheersbare invoering.

Welke les uit Utrecht is het meest relevant voor andere gemeenten?
De belangrijkste les is dat Common Ground geen puur IT-project is, maar een verandering in de manier waarop gemeenten samenwerken, gegevens uitwisselen en digitale dienstverlening organiseren. Succes vraagt om een combinatie van visie, organisatieontwikkeling en moderne software. Delta10 ondersteunt gemeenten hierbij met innovatieve Common Ground-oplossingen, zodat techniek, implementatie en beheer bijdragen aan betere dienstverlening voor inwoners.